De poort van de inwijding 

Samenvatting door Corrie Hendriks


Voorspel


In een huiselijk scène zingen Sophia's kinderen een lied en gaan dan naar bed. Sophia ontvangt haar

oude schoolvriendin Estella. Ze blijken totaal verschillende levensopvattingen te hebben; Sophia gaat

uit van een geestelijke realiteit en Estella heeft meer een materialistische kijk op de wereld. Ze gaan

beiden naar een toneelstuk. In het tussenspel luisteren we verder naar hun belevenissen. Onderstaand

de tekst van het lied van de kinderen:


Het zonlicht stroomt
door ruimtewijdten,
de vogelzang vervult
de lichte lucht,
de plantenzegen ontkiemt
in het aardewezen
en mensenzielen verheffen zich
in dankbaarheid
tot de geesten van de wereld.


Eerste tafereel


We maken kennis met de hoofdpersonen uit de vier drama's, die naar een voordracht hebben

geluisterd van Benedictus. We gissen naar het onderwerp... Karma? In ieder geval maakt de voordracht

heel wat los bij degenen die we uit de zaal zien komen.


Johannes, een kunstschilder

, vertelt aan zijn vriendin Maria, dat hij zich in een diepe

creativiteitscrisis bevindt. Hij luistert verder intensief naar de anderen. Ook Maria, de gastvrouw,

heeft een voor haar onbegrijpelijk probleem. Capesius, een wat oudere gevierde docent aan de

universiteit en Strader, een jonge ingenieur zijn voortdurend in gesprek. We ontmoeten drie

vriendinnen van Maria. Wanneer Theodora, een jonge helderziende vrouw een soort visioen krijgt,

vindt Capesius dit allemaal maar onzin en bijgeloof. Strader neemt de gebeurtenis echter serieus. Hij

is diep geraakt. Het echtpaar Felicia en Felix Balde is voor het eerst naar een voordracht van

Benedictus komen luisteren. Ze wonen buiten de stad. Samen met Theodosius verschijnt wat later de

andere Maria. Zij heeft deze avonden nodig om door de spirituele inhouden weer energie te verkrijgen.

Theodosius, Romanus en German belichten ieder een aspect van hun verbinding met de geestelijke

wereld.


Helena probeert aan het eind van de eerste scène Johannes ervan te overtuigen, dat een scholingsweg

gezondheid en geluk zou moeten brengen. Door haar ziet Johannes opeens in hoe hij de laatste tien

jaar met Maria in een soort roes geleefd heeft.


Tweede tafereel


Johannes is in staat vanuit dit inzicht in zichzelf een stap verder te gaan op zijn innerlijke pad. Hij

hoort buiten zich de woorden die als inhoud van zijn meditatie door hem geoefend worden:"O mens,

doorgrond jezelf". Nu beleeft hij wat woorden teweeg kunnen brengen. Hij krijgt een

uittredingservaring. Daarna kan hij in vol bewustzijn tijdens zijn meditatie met Maria over het zojuist

beleefde communiceren.


Derde tafereel


We zien Maria's pleegzoon. Ze vraagt Benedictus om raad bij de opvoeding. Benedictus geeft hem een

spreuk. Dan vraagt zij om hulp aan Benedictus voor haar eigen levensraadsel. Nu hoort zij, hoe haar

leven geïnspireerd wordt door een hoger wezen. Op dat ogenblik van grote vreugde gaat Maria's ziel

met een schok uit haar lichaam en we zien haar in het zevende beeld in een groot licht in haar diepste

kern. In haar fysieke lichaam op aarde komt nu een kwaadaardig dubbelgangerwezen dat Benedictus

door Maria 's lichaam heen woedend aanvalt. Deze schoksgewijze uittreding heeft te maken met haar

Egyptische (mislukte) incarnatie. Na deze ervaring, die door de rust van Benedictus en Johannes goed

afloopt, zal zij nooit meer op zo over de drempel gaan. Door vol vertrouwen in Maria te blijven heeft

Johannes zijn volgende beproeving doorstaan. Benedictus spreekt nu een spreuk voor hem, die het

hem mogelijk maakt Maria en haar zielekrachten in het geestgebied te volgen. Voor de eerste keer

hoort hij innerlijk de stem van een geest die hem van over de drempel toespreekt. Het derde en het

zevende beeld spelen zich tegelijkertijd af.


In de vierde, vijfde en zesde scène zien we de diepere werkelijkheid van de personen uit de eerste
scène. Terwijl Johannes in zichzelf verzonken is, ziet hij in elk van deze mensen hun aardse 
worsteling maar ook hun spirituele kwaliteit. Ze horen ook bij hem en tonen hem als imaginatie delen
van zijn eigen wezen. Pas in het 11e beeld kan hij dit ook bewust in zijn ziel beleven.


Vierde tafereel


Johannes is in staat, zonder actief deel te nemen, om de twee tegenkrachten, de verleidelijke Lucifer

en de materialistische Ahriman in zijn ziel te herkennen. In het 10e beeld is de raad bij beide machten

omgekeerd


Lucifer: "O mens, doorgrond jezelf, o mens, beleef mij".
Ahriman: "O mens, doorgrond mij, o mens, beleef jezelf".


Ook ziet hij hoe in het rijk van de elementen, het gedrag van de wetenschappers Capesius en Strader

en hun intellectuele woordenspel in de natuur slechts milieurampen en stormen teweegbrengen. De

Geest van de elementen, aan wie zij hun "natuur" danken wijst hen op het feit dat zij hiervoor iets

terug moeten schenken aan de elementenwezens, die werkzaam zijn in de natuur. Omdat zij zelf nog

geen "milieubewustzijn" = liefde voor de natuur ontwikkeld hebben vraagt hij of zij Felicia willen

vragen dat voor hen te doen. De andere Maria vormt de aardse verbinding tussen de wereld van het

dagelijks bewustzijn en de natuurwereld.

Johannes herkent bijna alles wat hij in deze scène ziet en kan zich daardoor weer verder ontwikkelen.


Vijfde tafereel


We ontmoeten Benedictus, Theodosius, Romanus en Retardus in een onderaardse tempel. Zij blijken

de ontwikkeling van de mensheid te begeleiden en zoeken wegen om Johannes inwijding te doen

slagen. Gelukkig vinden Felix Balde en de Andere Maria de weg naar de tempel en worden geïnspireerd

om hun nog onbewuste geestelijke streven zich bewust te maken, waardoor zij Johannes en Maria in

de toekomst zullen kunnen helpen.


Zesde tafereel


De Geest der Elementen vraagt aan Felicia Balde om een sprookje te vertellen voor de geest van de

rotsen als betaling voor het gedrag ten aanzien van de natuur en de wartaal die de beide heren eerder

hebben uitgekraamd. Als Felicia's mysterieuze sprookje uitgeklonken is horen we een spottende versie

van German.


Zevende tafereel


We ontmoeten Maria en haar vriendinnen in de geestelijke wereld. Johannes kan hier dankzij zijn goed

doorstane beproeving in de derde scène, de spreuk van Benedictus, de spreuk van over de drempel van

een geest en de gezamenlijke inspanning van Maria en haar zielezusters, komen. Johannes herkent

Maria's geestelijke kern. Theodora's vogelwezen drukt uit dat zij als mens voornamelijk in de

geestelijke wereld leeft. Zij kan nu een vorige incarnatie van Maria en Johannes schouwen, waardoor

hun aardse problemen doorgrond kunnen worden. Nu kunnen ze mede dankzij de spreuk van Benedictus

weer terug naar de aarde, om vanuit de geest in liefde op aarde samen te werken. In de eerste spreuk

kan Johannes door 'het wevend wezen van het licht' dat zich verbindt met zieleopenbaring, in hoogten

van de geest leven. In de zevende scène 'straalt het wevend wezen van het licht van mens tot mens' en

'verwarmt de zegen van de liefde de ene aan de andere ziel' teneinde op aarde de doelen van de wereld

met behulp van de boden van de geest te verwerkelijken. Johannes zal nu in zijn ziel de liefdekracht

moeten ontwikkelen voor de andere mens.


Tussenspel


Het blijkt dat Estella en Sophia naar twee voorstellingen geweest zijn met een zelfde thema: Een jonge

kunstschilder raakt geïnspireerd door de geestkracht van een oudere vrouw en heeft veel succes met

zijn nieuwe stijl van schilderen. Daardoor is hij zijn beloftes aan de vriendin van zijn jeugd vergeten,

die inmiddels van verdriet gestorven is. Nu hij ontdekt heeft dat zijn "muze" zijn hartstochtelijke

gevoelens voor haar niet kan delen is hij diep wanhopig. Estella vertelt met verve dat het slecht

afgelopen is met de jonge schilder en dat het stuk heel realistisch en emotioneel gespeeld werd.

Het wordt duidelijk voor de toeschouwer van het eerste mysteriedrama dat in de voorgaande scènes,

het drama dat Sophia gezien heeft werd gespeeld, nu bezien vanuit een innerlijk

ontwikkelingsperspectief. Johannes heeft door zijn bewuste innerlijke scholingsweg de zware

beproevingen (na drie jaar) moedig doorstaan en een nieuwe mens in zichzelf gewekt.


Achtste tafereel


Het is drie jaar later. Johannes legt de laatste hand aan een portret van Capesius. We zien een

herboren Johannes. Strader begrijpt niet waarom Johannes, nu hij bewust in de geestelijke wereld kan

schouwen anders zou schilderen dan voorheen toen hij door Maria's inspiratie schilderde. Strader

beleeft iets geheimzinnigs aan het schilderij, iets wat vertrouwd voor hem is aan Capesius, maar

tevens ongrijpbaar. Dit tegenstrijdige beleven wordt zo sterk voor Strader, dat hij het niet meer

uithoudt en wegvlucht. Johannes beschrijft aan Maria hoe hij voor het eerst een wezenskern van een

mens bij Capesius heeft kunnen aanschouwen. Mijn penseel werd geleid door 'krachten die Capesius

ontplooit uit vroegere aardelevens'.


Negende tafereel


Johannes beleeft nu zichzelf, terwijl hij in het tweede scène zichzelf moest leren doorgronden. Het

klinkt hem weer uit rotsen en bronnen tegemoet. Hij beleeft de verbinding met de natuurkrachten in

zichzelf. Hij voelt zich zeker. Hij rust in zichzelf. Hij beleeft weer zijn gestorven vriendin. Nu is hij

echter in staat zich voor te nemen haar te helpen. Hij krijgt nieuwe energie. Weer verschijnt Maria,

waardoor hij zich herinneren kan wat hij beleefd heeft.


Tiende tafereel


Johannes ontmoet in zijn meditatie Theodosius, als geest van de wereldliefde. Overmand door geluk

en enthousiasme kan hij nog niet helder waarnemen en beleeft de komst van Benedictus als zeer

bedreigend. Hij moet dieper in zichzelf nagaan welke gevoelens Benedictus in de loop der jaren in hem

opgeroepen heeft. Hij moet leren waan van waarheid te onderscheiden en zelf op eigen kracht de weg

naar de tempel van de wijsheid zoeken. Lucifer en Ahriman hebben zich in zijn ziel mee ontwikkeld,

maar brengen hem weer in verwarring..


Lucifer: "O mens doorgrond mij. O mens, beleef jezelf"
Ahriman:" O mens doorgrond jezelf, o mens beleef mij".


Voor de tweede keer klinkt een geestelijke stem, nu uit de hoogte en vat samen wat Johannes beleefd

heeft en geeft hem daardoor steun om vol vertrouwen verder te gaan.


Elfde tafereel


We zien eerst Retardus met Strader en Capesius. Retardus heeft als opgave de mens zijn aardse

opgave te doen vervullen. Zodra de mens hierin geslaagd is en een geestelijke ontwikkeling gaat

zoeken is Retardus' opdracht vervuld. Hierna kan de complete mens voor ons verschijnen: Johannes

met twaalf bij hem horende zielen. Lucifer en Ahriman hebben geen invloed meer op het zieleleven van

Maria en Johannes, omdat hun geestesoog nu geopend is. Benedictus spreekt zijn vertrouwen uit in

Capesius' ontwikkelingsweg. Alleen Strader voelt zich eenzaam totdat Theodora als mysterieus

vogelachtig wezen verschijnt en een voor hem hoopvol toekomstbeeld beschrijft.